De eindwinnaar van vorig jaar, Ivan Basso (Liquigas-Cannondale), is er niet bij omdat hij zich dit jaar volledig richt op de Tour de France. Hetzelfde geldt voor Cadel Evans (BMC Racing Team, 5e in 2010) en Alexandre Vinokourov (Astana, 6e in 2010). De nummers drie en vier van vorig jaar, Vincenzo Nibali (Liquigas-Cannondale) en Michele Scarponi (Lampre-ISD), zijn er wel bij en vormen samen met Alberto Contador (Saxo Bank-SunGard, winnaar 2008) en Denis Menchov (Geox-TMC, winnaar 2009) de topfavorieten voor de maglia rosa (roze leiderstrui). David Arroyo (Movistar), de verrassende nummer twee van vorig jaar, is slechts een outsider.
Na vorig jaar de start in Amsterdam bezocht te hebben, zijn een aantal wielervrienden (zeven om precies te zijn) de derde en laatste week naar Italië (Trentino-Zuid-Tirol) afgereisd om daar de Giro verder te volgen. Helaas kon ik niet mee, omdat ik verhinderd was vanwege m’n werk. De trip is toen kennelijk zo goed bevallen, dat er dit jaar is besloten om het nog een keer over te doen en nu kan ik er wel bij zijn! 
We gaan van vrijdag 20 t/m zaterdag 28 mei en zijn uiteindelijk met een groep van zes man (Marco, Martijn, Stephan, Leon, Bram en ik). Op het laatste moment vielen helaas twee man (Lucas en Lykle, vorig jaar beiden wel meegeweest) af vanwege verplichtingen op het werk. We verblijven in appartement Residence El Pilar De La Rosa in Colico (Lombardije) aan het Comomeer welke we in januari hebben geboekt bij EuroRelais/Inter Chalet. We reizen er per huurbusje (Ford Transit, 9-persoons) van Businesscars.com/SternRent naartoe; de route is bijna 1.000 km. lang.
De eerste Giro-etappe was dus een ploegentijdrit in Turijn e.o. en werd gewonnen door Team HTC-Highroad vóór Team RadioShack en Liquigas-Cannondale. De Italiaanse tijdritkampioen Marco Pinotti mocht als eerste van z’n ploeg de finishlijn passeren en dus de eerste roze leiderstrui aantrekken. De tweede etappe, de eerste rit-in-lijn, was vlak en eindigde dan ook in een massasprint: Alessandro Petacchi (Lampre-ISD) was daarin Mark Cavendish (HTC-Highroad) te snel af en pakte de rode puntentrui maar de Brit nam wel de leiderstrui over van z’n ploegmaat. De derde etappe, een heuvelachtige rit in de Apennijnen, werd gewonnen door Ángel Vicioso (Androni Giocattoli-C.I.P.I.) vóór David Millar (Garmin-Cervélo) die het roze pakte. Deze rit werd echter volledig overschaduwd door een noodlottig ongeval van Wouter Weylandt (Leopard-Trek) tijdens een afdaling. Als gevolg daarvan werd de vierde etappe geneutraliseerd als eerbetoon aan de verongelukte Belg; een dag later verlieten de volledige Leopard-Trek-ploeg en z’n goede vriend Tyler Farrar (Garmin-Cervélo) de ronde.
Pieter Weening (Rabobank) pakte een mooie dubbelslag in de vijfde etappe die deels over een lastige, heuvelachtige strade bianche (onverharde weg) voerde. Weenings ploegmaat Steven Kruijswijk pakte de witte jongerentrui. De zesde etappe die ten oosten hoofdstad Rome passeerde en een lastige aankomst kende, eindigde in een sprint waarin Francisco José Ventoso (Movistar) Petacchi wist te verslaan; Weening behield de roze trui. De zevende etappe was de eerste rit met aankomst bergop (2e cat.) die verrassend werd gewonnen door neo-prof Bart De Clercq (Omega Pharma-Lotto) die middels een korte vlucht de groep der favorieten nipt voorbleef; Weening behield wederom het roze. Oscar Gatto (Farnese Vini-Neri Sottoli) schreef de vlakke achtste etappe op z’n naam door in een lastig slotklimmetje topfavoriet Alberto Contador voor te blijven die de andere kanshebbers met een demarrage verraste. Weening en Kruijswijk bleven resp. het algemeen en jongerenklassement aanvoeren.
De negende etappe was een zware bergrit op Sicilië waarin tweemaal de Etna (1e cat.) beklommen moest worden. Contador greep in de slotklim de macht en schudde in de laatste meters ook klimgeit José Humberto Rujano (Androni Giocattoli-C.I.P.I.) van zich af. Hij pakte de roze trui en bijna een minuut op de andere favorieten Stefano Garzelli (Acqua & Sapone), Vincenzo Nibali en Roman Kreuziger (Astana). Michele Scarponi, die in eerste instantie nog meeging met Contador, moest z’n inspanning later bekopen en verloor meer dan een minuut. Weening capituleerde en gaf ruim zes minuten toe; Kruijswijk verloor ruim twee min. op het Spaanse fenomeen en moest z’n witte trui afstaan aan Kreuziger.
Tijdens de eerste rustdag maakten de renners de oversteek naar de Adriatische kust en vervolgden daar hun route noordwaarts. In de vlakke tiende etappe ging de dagzege in een massasprint naar Cavendish die Ventoso en Petacchi het nakijken gaf. De heuvelachtige elfde etappe met een venijnig slotklimmetje ging naar John Gadret (AG2R La Mondiale) die met een jump vluchter Daniel Moreno (Katusha) in de slotmeters wist te achterhalen. In de vlakke twaalfde etappe, de laatste kans voor de sprinters, pakte Cavendish z’n tweede ritzege in een massasprint en ging de volgende dag net als Petacchi en Ventoso niet meer van start. De 13e etappe met aankomst bergop op de Oostenrijkse Grossglockner (1e cat.) werd gewonnen door Rujano die de dagzege werd gegund door leider Contador die zo’n anderhalve minuut pakte op z’n grootste concurrenten. De Italianen Nibali en Scarponi waren resp. de nieuwe nummers twee en drie in het klassement op ruim drie min. van Contador.
Dag 1 (vrijdag 20/zaterdag 21 mei)
Op vrijdagavond hadden we afgesproken tussen 22:00 en 23:00 uur te verzamelen in Lent bij Nijmegen (waar Leon woont) wat voor mij een gunstige keuze was omdat het zo dichtbij is. Om 21:45 uur reed ik van huis weg en werd door m’n ouders in Lent afgezet waar ik gelijk m’n spullen in het huurbusje kon overladen. M’n reisgenoten waren allen al present en zo konden we tegen 22:45 uur aan onze heenreis naar Italië beginnen. Via Nijmegen reden we bij Venlo de grens met Duitsland over en vervolgden onze route zuidwaarts richting Mönchengladbach/Köln/Koblenz/Mannheim/Karlsruhe. Daarna gingen we Frankrijk in en reden door via Strasbourg en Mulhouse. Omdat het ‘s nachts zo rustig op de weg was konden we goed doorrijden en bereikten we vroeg in de ochtend de grens met Zwitserland waar we een vignet moesten aanschaffen om verder te kunnen rijden. Na het passeren van Basel en Luzern maakten we vlak voor de Gotthardtunnel een stop om te ontbijten; de bergachtige omgeving was hier erg mooi. Na het ontbijt nam ik plaats achter het stuur en reed via de tunnel waar het in het begin even vastliep door richting Lugano waar we de snelweg verlieten. Via de stad en het gelijknamige meer reden we over soms smalle wegen richting de grens met Italië die we in Gandria passeerden. Bij het Comomeer maakten we onze laatste stop – het was stralend weer (ca. 25°C) – en reden vervolgens over de kustweg door naar Colico waar we rond 12:00 uur (na ruim 13 uur reistijd) bij onze vakantiewoning aankwamen. Al snel arriveerde gastvrouw Laura die ons rondleidde door het mooie, ruime, vier etages tellende huisje waarna we onze spullen uit het busje pakten.
Res. El Pilar De La Rosa / onze vakantiewoning
In de tuin kwamen we bij van de lange reis en gingen kort daarna even inkopen doen bij de lokale supermarkt. Daarna hadden we geluncht en weer buiten in de zon gezeten totdat een onweersbuitje ons naar binnen noopte. We keken er op tv naar de 14e Giro-etappe, een zware bergrit met vijf cols en aankomst op de Monte Zoncolan (1e cat.). De rit werd knap gewonnen door Igor Antón die Contador, Nibali en Scarponi versloeg en een sprong naar de derde plaats in het klassement maakte op slechts één sec. van Nibali.
Na het wielrennen hadden we ons opgefrist en beneden in het stadje gedineerd bij restaurant/pizzeria Miralago op Piazza G. Garibaldi aan het Comomeer. Als toetje namen we een Italiaans softijsje in een gelateria (ijssalon). Die avond gingen we allemaal op tijd naar bed omdat we moe waren van de lange dag c.q. reis.
Dag 2 (zondag 22 mei)
Om 9:00 uur stond ik op, ontbeet daarna buiten waar het bewolkt was en liep vervolgens met Marco en Leon naar de dichtstbijzijnde bar (Giusto) voor een kop koffie. Daar bladerden we even door La Gazzetta dello Sport om de Giro-uitslag van de dag ervoor te bekijken. ‘s Middags gingen de fietsers (Marco, Stephan en Bram) eropuit in de omgeving en de niet-fietsers (Martijn, Leon en ik) wandelden richting het centrum en het meer om daar een biertje op een terrasje te pakken.
Uitzicht op omgeving bij vakantiewoning
Comomeer met plein in Colico
Het was weer lekker zonnig maar dat sloeg later om in zware bewolking met wat regen. Daarom besloten we terug te lopen naar het huisje waar we na een uitstapje van zo’n tweeënhalf uur weer terug waren. Later kwamen de fietsers ook terug die tijdens een afdaling een fikse regenbui hadden gehad. Binnen keken we naar koers – de 15e etappe met vijf cols waaronder de Passo Giau, de hoogste in deze editie – op tv. De zware bergrit werd lang aangevoerd door Garzelli maar hij werd in de slotklim op de Val di Fassa (1e cat.) voorbijgestreefd door Mikel Nieve (Euskaltel-Euskadi), al pakte de Italiaanse routinier wel de groene bergtrui. Contador eindigde als derde en pakte weer tijd op z’n concurrenten. Scarponi nam de tweede plaats in het klassement over van Nibali die op de slotklim moest lossen. Antón, de etappewinnaar van gisteren, zakte ver weg.
Na het wielrennen gingen er drie man naar een grote supermarkt ietsje verderop waarna we het stadje in reden om er weer te dineren op het plein aan het meer. Omdat eigenlijk niemand goed had gegeten bij restaurant Portovino (de bediening liet ook te wensen over), haalden sommigen dan ook een pizza voor later in het huisje. Voordat we weer teruggingen namen we eerst een ijsje. Die verdere avond deden we een Giro-wielerquiz onder elkaar en gingen pas naar bed nadat we de jarige Martijn hadden gefeliciteerd.
Dag 3 (maandag 23 mei)
Na het opstaan (Lucas sms’te me wakker) en ontbijten reden we tegen 10:30 uur per busje richting de Passo del Mortirolo (12,4 km. lang, gem. stijging 10,6%) die de fietsers graag wilden beklimmen. Rond 12:00 uur waren we aan de voet van de bergpas in Mazzo di Valtellina (achter Tirano nabij de Zwitserse grens) en vernamen daar via sms dat de Spaanse wielrenner Xavier Tondó door een noodlottig ongeval met een garagedeur om het leven was gekomen, terwijl het tragische overlijden van Wouter Weylandt twee weken terug in deze Giro nog zo vers in het geheugen lag (
).
Aan voet van Passo del Mortirolo
Terwijl de fietsers de bekende berg (1.300 m. hoogteverschil) gingen beklimmen, reden de niet-fietsers terug naar Tirano dat twee dagen later finishplaats in de Giro was. Vandaag was de tweede rustdag en werd er dus niet gekoerst. Op een terras bij het stationsplein namen we een lunch, terwijl het wederom stralend weer was (ca. 30°C). Na de lunch liepen we wat rond in het stadje, kochten een verfrissend ijsje en kwamen weer uit bij het station waar we de mogelijkheden bekeken wat betreft de trein voor een bezoek aan de finishplaats overmorgen. Anderhalf uur later waren we weer bij de auto om terug te rijden naar Mazzo. Bij een van de waterbronnen daar belde Marco op om door te geven dat ze de top hadden bereikt (Bram in 1:15 uur, Stephan in 1:50 en Marco in 1:52) en op het punt stonden aan de afdaling te beginnen. Even later waren ze weer één voor één beneden en reden we naar een andere waterbron om wat op te frissen. Zodra we weer compleet waren reden we terug naar Colico waar we anderhalf uur later weer aankwamen. Nadat we bij het huisje even buiten hadden gezeten reden we weer naar het centrum om te gaan eten bij Hotel Risi (tip van Laura) waar het diner ons goed deed smaken. Terug in het huisje relaxten we nog wat (tv kijken/lezen) voordat we naar bed gingen.
Dag 4 (dinsdag 24 mei)
Na het ontbijt gingen we weer met z’n drieën naar Bar Giusto voor een kop koffie en La Gazzetta. Daarna hebben we buiten lekker genoten van het prachtige weer (wederom ca. 30°C). ‘s Middags gingen Marco en Bram eropuit met de fiets en de rest ging per auto naar het strand bij het Comomeer voor een frisse duik. Ruim twee uur later reden we terug via het station om daar de treintijden voor morgen te bekijken en de supermarkt om wat inkopen te doen. In het huisje keken we weer naar de koers – de 16e etappe, een individuele klimtijdrit van 12,7 km. – op tv. Contador liet er geen twijfel over bestaan wie de sterkste was in de bergen en droeg z’n tweede etappezege op aan de verongelukte Tondó. Nibali en Scarponi eindigden resp. als tweede en derde waardoor het podium zich steeds beter leek te gaan vormen. Marco ging tijdens de koers nog even opfrissen in het meer en de rest ging na de koers weer buiten zitten en zich later opfrissen.
‘s Avonds waren we van plan naar restaurant Robustello te gaan welke bovenaan een berg bleek te liggen; het was een steile klim met het busje. Bij het restaurant was echter geen leven te bekennen, het was er zelfs een beetje griezelig, en toen we nogmaals goed het bord bekeken zagen we pas dat deze vandaag gesloten was. Wellicht keren we er later in de week nog terug. We reden maar weer naar het centrum waar we weer bij restaurant Miralago op het plein (eerste avond ook al geweest) uitkwamen.
Dineren op plein aan Comomeer
Op de weg terug naar het huisje na het eten zagen we redelijk wat volk in de bar voor de karaokeavond, maar toen we er even later naartoe waren gelopen was er niet veel meer te doen waardoor we besloten door te lopen naar de Funny Bar ietsje verderop maar deze bleek helaas gesloten te zijn. Het werd een beetje een kansloze wandeling, al helemaal toen Night Club Moulin Rouge een brug te ver leek waardoor we besloten maar weer terug te lopen naar Bar Giusto om daar buiten op terras dan maar een drankje te nuttigen… Na twee rondjes gingen we terug naar het huisje waar we onze bedden opzochten om morgen eindelijk naar de koers te gaan! 
Dag 5 (woensdag 25 mei)
Tegen 10:00 uur stond ik op en ontbeet weer buiten. Het was wederom prachtig weer. Voordat we naar de koers gingen bestudeerden we in de tuin op de kaart de route van de Giro-etappe van de volgende dag omdat we van plan waren zowel start als finish te gaan bezoeken. Tegen 13:00 uur vertrokken we naar het station en parkeerden het busje een eindje verderop (gratis). Op het station kochten we retourkaarten voor de trein naar Tirano, finishplaats van de 17e etappe welke van start ging in Feltre en 230 km. lang was met daarin twee cols (Passo del Tonale van 2e cat. en Aprica van 3e cat. met de top op 18,5 km. van de finish). Volgens schema zouden ze tussen 17:00 en 17:30 uur finishen. Na een broodje op de vuist pakten we de trein van 13:48 uur (het was opvallend rustig), lazen onderweg de krant en hadden vóór aankomst al wat ploegbussen gespot. Tegen 15:00 uur arriveerden we in Tirano waar we richting finish (Piazza Marinoni) liepen en daarachter wat rondkeken. Er waren nog geen ploegbussen te zien.
Finish in Tirano
Vervolgens pakten we een terrasje in de buurt van de finish waar binnen al koers op tv was: iets vóór de top van de Tonale lagen er 14 man ca. zes min. voor op het peloton. We besloten naar binnen te gaan om daar de koers beter te kunnen volgen in een soort loungeruimte. Nadat de koplopers (nog 11 man ca. vier min. voor) de top van de Aprica waren gepasseerd besloten we naar buiten te lopen. Op het grote tv-scherm op het podium net na de finish keken we naar de finale van de koers. De druk en hectiek werden met de kilometer/minuut voelbaar groter wat mooi was om mee te maken. Italiaans kampioen (met voor de gelegenheid rugnummer 150) Giovanni Visconti (Farnese Vini-Neri Sottoli) passeerde als eerste de finishlijn van een kopgroep van drie man maar omdat hij in de eindsprint Diego Ulissi (Lampre-ISD) tot twee keer toe een duw had gegeven, werd hij uiteindelijk gedeklasseerd naar de derde plaats en werd Ulissi uitgeroepen tot etappewinnaar. Pablo Lastras (Movistar) schoof op van plaats drie naar twee en Jan Bakelants (Omega Pharma-Lotto) eindigde op vier sec. als vierde. Het eerste deel van het peloton kwam na de 14 man binnen op drie min. De topdrie van het klassement bleef ongewijzigd.
Na de finish bleef ik als enige van onze groep staan om de huldigingen te bekijken, terwijl de rest naar de ploegbussen achter de finish liep of al was gelopen. Ulissi verscheen dus een tikje verrassend op het podium als dagwinnaar. Daarna werden achtereenvolgens roze- èn rode-truidrager Alberto Contador, groene-truidrager Stefano Garzelli en witte-truidrager Roman Kreuziger gehuldigd.
Huldigingen etappewinnaar Ulissi en roze-truidrager Contador
Vervolgens liep ik door naar achteren en toen ik bij de Adda-rivier was kwam er ineens nog een laatste groep renners binnen met daarbij o.a. Roberto Ferrari (Androni Giocattoli-C.I.P.I.), Rick Flens en Jos van Emden (Rabobank). Van Emden was in gesprek met een andere Nederlander die mij met Jos op de foto zette. Jos had in de laatste week last gekregen van een onwillige beenspier wat hem al parten speelde in de Driedaagse van De Panne-Koksijde. Op dat moment wist ik nog niet dat hij de nieuwe ‘rode-lantaarndrager’ was geworden. Ik liep verder langs de permanence op waar ik de Belgische co-commentator José De Cauwer wachtend bij een Sporza-auto zag staan. Ineens passeerde een Saxo Bank-renner op de fiets met een stel rennende kinderen erachteraan: het bleek niemand minder dan Contador te zijn die wel op weg moest zijn naar de ploegbus, dus wist ik dat ik hem moest volgen. Een eindje verderop zag ik inderdaad diverse ploegbussen staan en trof daar de rest van onze groep. Contador stapte vanuit de bus door een enorme drukte en gedrang van fans in een aparte ploegauto die snel wegreed.
Ik & Jos van Emden na finish / Alberto Contador bij ploegbus
We liepen met z’n zessen terug richting het station en waren al een mooie wielerervaring rijker. Op het station bekeken we eerst de treintijden terug en namen daarna op hetzelfde terras als waar we twee dagen geleden zaten een drankje en wat snacks. Een uurtje later pakten we de trein van 19:10 uur terug naar Colico. Onderweg kwamen we wat bij van de opgedane indrukken en waren een uur later alweer terug in Colico waar we gelijk doorliepen naar een restaurant (Front Page) waar we lekker buiten dineerden. Na afloop namen we weer ijs en liepen vervolgens terug naar onze bus die we niet gelijk konden terugvinden. Rond 23:00 uur waren we terug in het huisje en hadden een mooie eerste koersdag achter de rug (
). Voor het slapengaan zagen we de slotbeelden van de etappe nog terug op tv.
Dag 6 (donderdag 26 mei)
Na het ontbijt vertrokken we om 11:15 uur per busje naar Morbegno, de startplaats van de 18e etappe over 151 km. met daarin slechts één col (Passo di Ganda van 2e cat. met de top op 30 km. van de finish), een kilometer of 15 verderop. Martijn deed een ‘Lucasje’ (ziek, zwak en misselijk thuisblijven) en kon ons later op de dag mooi op de hoogte houden van de koers. Terwijl het regende waren we in het stadscentrum op een T-splitsing ineens eersterangsgetuige van de passerende reclamekaravaan. We parkeerden de auto vervolgens aan het uiteinde van het stadje – het was inmiddels gelukkig opgehouden met regenen – en dat bleek een perfecte plek te zijn, want vlak daarna kwamen één voor één de ploegbussen (met daarin de renners) binnen die zich op de aangrenzende weg stationeerden. We keken er rond en zagen even later eerst alle fietsen en daarna de renners uit de bussen komen. We zagen er veel bekende renners en gingen met sommigen op de foto. De Rabo-renners kwamen pas als een van de laatsten naar buiten en werden één voor één kort geïnterviewd door Rabosport TV. We raakten even in gesprek met Rick Flens die aangaf dat hij z’n ploegmaat ‘Stevie’ (Kruijswijk) zo goed mogelijk probeert bij te staan en de vele cols zo onderhand beu werd waardoor hij die nu al aan het aftellen was. Verder keek hij (als specialist) al uit naar de slottijdrit in Milaan over drie dagen.
Igor Antón / José Serpa & ik vóór start
Michele Scarponi / John Gadret vóór start
Rick Flens / Pieter Weening vóór start
Even na enen waren we terug bij de bus en hielpen Leon en ik Stephan en Bram op weg die hadden besloten per racefiets naar de finishplaats te rijden via de kortere route over de Passo di San Marco (26,15 km. lang, gem. stijging 6,6%), terwijl Marco richting de start liep om die nog te proberen mee te pikken. Een halfuur later vertrokken we met z’n drieën (de renners waren net gestart, Marco kwam erachter dat het startpunt toch wel wat verder weg lag dan gedacht) richting finishplaats San Pellegrino Terme, een kuuroord dat bekend is van de mineraalwaterproductie, waar de finish tussen 17:00 en 17:30 uur werd verwacht. De route leidde aanvankelijk door veel tunnels waar we wat oponthoud hadden door wegwerkzaamheden aan één rijstrook enerzijds en file door Giro-verkeer anderzijds. Om 16:00 uur bereikten we het stadje Ambria op 4,6 km. van de finish waar we niet verder konden rijden en dus onze auto moesten achterlaten; bovenin een bos vonden we een geschikte parkeerplek. We gingen te voet verder naar de finish en hadden op 3,5 km. sms-contact met Martijn die doorseinde dat een kopgroep van drie man nog maar 18,5 km. (grotendeels bergaf) hoefde af te leggen. Ze lagen dus voor op het snelste tijdschema waardoor we toch nog snel moesten doorlopen om de finish te halen. Ondanks dat we al in San Pellegrino Terme waren lukte dat helaas niet: op 1.200 m. waar het alsmaar drukker werd met toeschouwers passeerde de driemans kopgroep (Marco Pinotti (HTC-Highroad) – Eros Capecchi (Liquigas-Cannondale) – Kevin Seeldraeyers (Quick Step)) en als ‘geluk bij een ongeluk’ konden we de finish live meepikken op een groot tv-scherm op 750 m. van de finish. Capecchi versloeg in de eindsprint Pinotti en Seeldraeyers en zorgde eindelijk voor de eerste etappezege voor de Liquigas-ploeg.
Kopgroep / peloton vlak vóór finish
We liepen gewoon verder door richting finish, terwijl de andere vluchters en het in drie-groepen-verbrokkelde peloton passeerden; toch jammer dat we net iets te laat waren. Langs de route werd het steeds drukker en daardoor moeilijker begaanbaar. Omdat ik aan de andere kant van de weg liep verloor ik Marco en Leon uit het oog. Voor de brug over de Brembo-rivier was er een opstopping en daarna sloeg ik rechtsaf (finish was linksaf) richting de ploegbussen welke hier veel dichter bij de finish stonden dan de dag ervoor. Daar trof ik Stephan en Bram die net waren aangekomen en dus ook te laat bij de finish waren; volgens hen hadden we ook beter dezelfde route moeten pakken… Even later voegden ook Marco en Leon zich bij ons en bij de Rabobank-bus kwamen we in gesprek met de trotse ouders van Steven Kruijswijk die net hun zoon hadden gezien en eveneens een week in Italië verbleven. Kruijswijk stond op dat moment op een knappe 13e plaats in het klassement, terwijl hij vorig jaar als 18e was geëindigd. Hij maakt een goede ontwikkeling door als tweedejaarsprof. Vervolgens liepen we richting centrum en finish (welke al werd afgebroken) voor het zoeken naar een eetgelegenheid. Achter de finish zagen we op een plein en podium de tv-studio van Processo alla Tappa waar de etappe dagelijks wordt nabeschouwd met prominente (ex-)renners en diverse gasten. We vonden een geschikte pizzeria (Da Franco) die amper open was, maar desondanks werden wij ‘wereldburgers’ hartelijk ontvangen. Bij het pand waarnaast wij zaten te eten stond al even een ploegauto van Liquigas en ineens zag Marco daar een renner met fietsnummer 113: dat was etappewinnaar Capecchi! (
). Hij liet z’n bestek uit z’n handen vallen en stormde er naartoe om hem te feliciteren met z’n dagzege en te bedanken voor de Cyclear-punten. 
Finish in San Pellegrino Terme / Etappewinnaar Capecchi na finish
Na het eten fietsten Marco en Stephan terug naar de auto en pikten ons even later in het stadje op. Even na 19:30 uur reden we weg uit San Pellegrino Terme en waren anderhalf uur later weer terug in Colico. Martijn bleek in het centrum zijn te gaan eten en nadat we ons even hadden opgefrist reden we er ook naartoe. Bij discobar Il Pelliccioni op het plein troffen we Martijn die zich weer beter voelde. Het weer werd slechter (harde regen) en we werden als het ware naar binnen gewaaid. Die avond was het karaokeavond maar het was erg rustig. Nadat we een liedje hadden gezongen, zocht de kroegbaas op z’n laptop welwillend de reismogelijkheden naar het wielermuseum op de Ghisallo uit. Om 1:00 uur waren we terug in het huisje en alvorens we naar bed gingen bespraken we de plannen voor de volgende dag: uiteindelijk zagen we toch van een bezoek aan de start van de etappe in Bergamo af (vertrek wel erg vroeg nu het al laat was) en besloten naar het wielermuseum te gaan.
Dag 7 (vrijdag 27 mei)
We stonden wat later op dan normaal en vertrokken vroeg in de middag met z’n vieren (de twee jongsten gingen niet mee) naar de Ghisallo. Het regende nog steeds en het was 15-20°C. Naarmate we de plaats van bestemming naderden werd het weer gelukkig wat beter; de laaghangende bewolking vormde een breed dek boven het Comomeer. Ruim een uur later kwamen we bovenop het bergje (754 m. hoog) aan bij de Madonna del Ghisallo, een kerkje dat beroemd is als bedevaartsoord voor het wielrennen in Italië en welke langs de route van de Ronde van Lombardije ligt. Buiten bij het kerkje staan standbeelden van de Italiaanse wielerlegendes Fausto Coppi en Gino Bartali. We gingen het kerkje in waar een eeuwige vlam brandt voor overleden renners en zagen verder allerlei ingelijste wielertricots hangen van bekende (oud-)renners en ook wat racefietsen.
Madonna del Ghisallo
Wielertricots in Madonna del Ghisallo
Vervolgens gingen we het naastgelegen wielermuseum in waar verder helemaal niemand was. We keken er op onze gemak rond en zagen hier behalve boeken en biografieën/foto’s ook veel verschillende tricots van winnaars en fietsen. Het was interessant om te zien hoe het materiaal in de loop der jaren een enorme ontwikkeling heeft doorgemaakt.
Na het museumbezoek reden we via de afdaling van de Passo del Ghisallo het mooie stadje Bellagio in waar het weer was opgeklaard. Hier namen we een lekker broodje als lunch en reden terug via de kustweg rondom het meer en Lecco. Om 17:00 uur waren we terug bij het huisje en waren nog net op tijd om de finish van de 19e etappe met aankomst bergop (3e cat.) op tv te zien. Het was de derde Italiaanse ritzege op rij: Paolo Tiralongo die in de slotmeters was achterhaald door ex-ploeggenoot Contador werd de etappezege als verdienste gegund. Nibali werd derde en pakte een paar sec. terug op z’n rivaal Scarponi.
Marco ging daarna nog een eindje fietsen maar was vanwege het dreigende weer genoodzaakt snel weer terug te keren. Met z’n drieën gingen we naar de supermarkt om nog wat inkopen te doen voor de terugreis van morgen. Daarna hadden we het huisje opgeruimd en schoongemaakt en de spullen grotendeels ingepakt. Die avond gingen we weer eten bij Hotel Risi maar deze keer binnen omdat het buiten te fris was. Na het ijsje als gebruikelijk toetje dronken we in dezelfde bar als gisteravond (weer erg rustig) op de laatste avond nog een paar rondjes bier als afsluiter. Tegen 0:00 uur reden we terug naar het huisje waar we voor het slapengaan nog even op tv naar de beelden van de Giro-etappe van vandaag keken.
Dag 8 (zaterdag 28 mei)
Om 7:00 uur ging de wekker en maakten we ons klaar voor de terugreis. Precies om 8:00 uur reden we onder een strakblauwe hemel weg uit Colico en gingen nu bij Chiasso de Zwitserse grens over. We reden daarmee wel een stukje om maar het ging wat sneller als op de heenweg via Lugano. We hadden onderweg nauwelijks oponthoud en konden dus goed doorrijden. In Duitsland dineerden we vroeg in de avond in een wegrestaurant en al vrij snel daarna reden we Nederland weer binnen waar het gelijk begon te regenen. Via internet op de mobiele telefoons vernamen we dat de 20e en voorlaatste etappe (met de Colle delle Finestre en aankomst bergop (2e cat.) in Sestrière) was gewonnen door Vasili Kiryienka (Movistar). Contador had z’n eindzege veiliggesteld; Scarponi was weer wat sec. uitgelopen op Nibali en leek daarmee de strijd om de tweede plaats (en beste Italiaan) in z’n voordeel te hebben beslist.
Om 20:15 uur werd ik netjes door m’n wielervrienden in Beuningen afgezet en nam afscheid van ze. Het volgende treffen wordt de Tour-barbecue in juli (als dat doorgaat) of anders weer de jaarlijkse ‘Klassika Prikmavera’ in oktober. De anderen vervolgden hun weg naar Lent en ik was mooi op tijd thuis voor de Champions League-voetbalfinale. 
Nawoord
Het was een geslaagde en onvergetelijke vakantieweek in Italië en het was leuk om met mensen met dezelfde interesse op deze manier een grote wielerronde van dichtbij te volgen. Het was gezellig onder elkaar, we hebben veel lol gehad en ik heb me uitstekend vermaakt en er echt van genoten. Natuurlijk heeft het prachtige weer daarin een grote rol gespeeld en is alles gelukkig goed verlopen. Wat mij betreft is een dergelijke trip voor herhaling vatbaar! 
Eindresultaten
De Giro 2011 werd gewonnen door Alberto Contador boven wiens hoofd nog altijd de dreiging van een dopingschorsing (clenbuterol in de Tour 2010) hangt. Desondanks was hij ijzersterk en heeft de ronde vooral in de bergen gedomineerd. Hij eindigde in Milaan als derde in de 21e en laatste etappe, een individuele tijdrit van 26 km. met finish bij de Dom. David Millar won de slottijdrit vóór Alex Rasmussen (HTC-Highroad). Contador eindigde in het eindklassement (na 84 uur, 5 min. en 14 sec.) met een voorsprong van 6:10 min. op Scarponi en 6:56 op Nibali.
Erepodium in Milaan (© CyclingNews/Bettini)
Op de plaatsen vier t/m tien (op meer dan tien min. van Contador) eindigden resp. John Gadret, Joaquim Rodríguez (Katusha), Roman Kreuziger, José Rujano, Denis Menchov, Steven Kruijswijk en Kanstantsin Sivtsov (HTC-Highroad). Een puike prestatie dus van onze jonge landgenoot Kruijswijk die in de laatste week nog wat plaatsjes was gestegen en als tweede in het jongerenklassement was geëindigd. Jos van Emden was inderdaad op de allerlaatste plaats (159e) geëindigd op bijna vijf uur achterstand. Behalve de laatste roze trui mocht tweevoudig Giro-winnaar Contador ook de rode trui aantrekken op het eindpodium in Milaan en was de groene trui voor Stefano Garzelli en de witte trui voor Kreuziger. Pro Team Astana werd gekroond als winnaar van het ploegenklassement.